De plannen voor de komst van het Gelders Museum in Zutphen krijgen steeds meer vorm. Vijf Gelderse coalitiepartijen willen 2,6 miljoen euro extra uittrekken voor de realisatie van het museum. Ook voor de jaarlijkse exploitatie is de provincie bereid meer geld beschikbaar te stellen. Zutphen moet daarvoor wel een grotere financiële bijdrage leveren.
Het voorstel komt van SGP, BBB, VVD, CDA en ChristenUnie. De partijen hebben hiervoor een amendement ingediend dat op 11 november wordt besproken in Provinciale Staten. Naast de eenmalige investering willen zij jaarlijks maximaal 218.000 euro extra bijdragen aan de exploitatie van het museum.
De aanvullende financiering is onder meer bedoeld voor de inrichting van de tentoonstelling, toekomstige vervanging van de inrichting en ICT-voorzieningen en een fonds om financiële risico’s bij bezoekersaantallen op te vangen.
Ook de jaarlijkse kosten blijken hoger uit te vallen dan aanvankelijk verwacht. Hiervoor is jaarlijks 268.000 euro extra nodig. De provincie wil daarvan maximaal 218.000 euro betalen. Het resterende bedrag van minimaal 50.000 euro komt voor rekening van de gemeente Zutphen.
Het initiatief voor een Gelders Museum komt van Bas Steman en René Arendsen, bekend van het historische televisieprogramma Ridders van Gelre van Omroep Gelderland. Zij vonden het opvallend dat een provincie met zo’n rijke geschiedenis geen eigen museum had. Wat begon als een idee, groeide uit tot een langdurige campagne om politici, bestuurders en culturele instellingen enthousiast te maken.
Steman is blij dat hun inspanningen nu resultaat lijken op te leveren. Volgens hem hebben de initiatiefnemers jarenlang geprobeerd het plan onder de aandacht te brengen. De steun van de vijf politieke partijen noemt hij dan ook een bijzonder moment.
Ook de betrokkenheid van wethouder Sjoerd Wannet was volgens Steman belangrijk voor het bereiken van dit resultaat. Zonder zijn inzet was het plan volgens hem niet gelukt.
Wethouder Sjoerd Wannet is eveneens enthousiast over de ontwikkeling. Het idee voor het museum ontstond ongeveer vier jaar geleden. Zutphen zag direct mogelijkheden en ging in gesprek met de initiatiefnemers, de erfgoedmanager en een archeoloog. Inmiddels wordt al zo’n drie jaar concreet aan de plannen gewerkt.
Volgens Wannet is Zutphen bij uitstek geschikt om het verhaal van Gelderland te vertellen. De gemeente wil zich nadrukkelijk profileren als erfgoedhoofdstad van de provincie.
Over de financiële verdeling hebben de gemeente, provincie en betrokken musea gezamenlijk overleg gevoerd. Aanvankelijk zou Zutphen alleen de huurkosten voor zijn rekening nemen. Inmiddels wordt ook een jaarlijkse bijdrage gevraagd. Wannet vindt dat een redelijke afspraak, gezien de totale investering en de betekenis van het museum voor de stad.
Het college van burgemeester en wethouders steunt de plannen en wil een voorstel aan de gemeenteraad voorleggen. De raad is inmiddels geïnformeerd over de verwachte financiële bijdrage. Naar verwachting neemt deze in januari een besluit.
Het Gelders Museum moet meer worden dan een plek waar bezoekers kennis kunnen maken met de geschiedenis van de provincie. Er komt ook een provinciaal programma waarbij andere musea en erfgoedorganisaties worden betrokken. De Canon van Gelderland vormt daarbij de inhoudelijke basis.
Wethouder Wannet verwacht dat het museum niet alleen voor Zutphen, maar ook voor de omliggende regio van betekenis wordt. Hij wijst erop dat de stad de afgelopen jaren verschillende belangrijke voorzieningen deels heeft zien verdwijnen. De komst van het museum kan volgens hem een nieuwe impuls geven aan Zutphen en de regio.
Ook de initiatiefnemers hopen dat het museum inwoners meer bewust maakt van hun Gelderse achtergrond en geschiedenis. Veel mensen kennen volgens Steman het verleden van hun eigen provincie nog onvoldoende. Het museum moet daar verandering in brengen.
Als de plannen volgens schema verlopen, opent het Gelders Museum naar verwachting medio 2028 in de Witte Vleugel van het voormalige stadhuis in Zutphen.
Bron: Omroep GLD
Foto: Omroep GLD

